mooi hé

Vandaag is zo’n dag en het is lang geleden. Geluk. Ik moet het opschrijven en ik moet opletten want als ik het opschrijf kan het weer weg zijn. Er is zon en groen, er zijn straks mensen maar ze zijn nog ver genoeg, er is muziek, er is een mooie fluitende man, een dag vrijheid. Er is in mijn hoofd al een gerecht, straks ook op ons bord. Ik ruik het al en proef die zon. En dat groen toch altijd gelukkiger maakt. Mij toch. Blij met weinig. Een terras met wat plantjes. Is beter dan een terras zonder. Of zonder terras. Stel je voor.

Er is hier een kerk in de straat. Elke zondagochtend lokt zij ons met haar klokgelui, al 3 jaar lang. We zijn er nog niet geweest. Maar ik hou van het gelui. Ik voel dan ook geluk. En ik vind het veilig, dat ze blijft lokken. Niet opgeeft, niet aandringt. Elke zondag lokt ze, nodigt ze uit, dat staat vast. Daarover bestaat geen twijfel. Dat troostende klokgelui. En misschien, op een dag, zal ik eens binnengaan. Op zoek naar dat gevoel dat me zoekt. Waarschijnlijk ga ik nooit binnen. Ik heb geen vraag die uit woorden bestaat. Ik heb een verlangen, dat niet te bevredigen lijkt. Ik koester dat verlangen, ben blij dat het niet bevredigd kan worden anders ben ik het kwijt. Ik zie zoveel moois. Ik ben heel vaak ontroerd. Ik voel dan verdriet maar altijd met liefde. En dat is toch genoeg? Ontroering, moois, verdriet, liefde en verlangen. Mooi hé.

Plaats een reactie