logisch

Ze schateren. Dezelfde aanstekelijke lach waar het genot van afspat, dezelfde pretoogjes die ze van hun vader erfden.

Zijn lijfje nog romig en zacht, schreeuwt om geknuffeld te worden. Mijn neus begraven in zijn huidplooitjes, diep inademen, nooit vergeten hoe hij voelt, ruikt nu, hier, op dit moment. Hij slaapt zo graag en veel. In zijn donkere nestje waar hij lang ligt te vertellen en dan ineens overmand, stil. Of in de draagzak tegen mij aan. Die heerlijke sensatie, als ik me plots bewust ben van dat warme lijfje, compleet in rust. Mijn ogen dicht en hem voelen, helemaal. Buik tegen buik, beentjes die me omarmen, een verdwaald handje ergens bij mijn borst, het andere handje tegen zijn wang, zijn ademhaling waar mijn lichaam en gedachten op meedeinen. Zijn hand reikt naar haar mond. Want ah ja, zo’n donker gat dat steeds open en toe gaat, daar moet een hand in. Logisch.

Haar lijf wordt langer, rekt uit, die voeten, dat zijn voeten van een kind. Zo een kind dat naar school gaat, hele dagen zelfverzonnen liedjes zingt, uren met insecten kan spelen zonder ze pijn te doen. Een kind dat een beste vriendin heeft, en nog één en nog één, en ook een beste vriend. Een kind dat klimt, dan even stopt, ‘hoe ga ik dat oplossen?’ en daarna ineens bovenop de brievenbus zit. Een kind dat alleen maar buiten wil zijn. Eindeloos veel kladpapier en stiften en potloden werkloos.
Een huisjesslak haar lievelingsdier. Waarom, vragen we, ‘omdat die een huisje heeft.’ Logisch. ‘Maar nóg leuker zijn naaktslakken.’IMG_20190629_110307_2

Plaats een reactie