we gingen fietsen in het park
de sneeuw bleef niet liggen
dus we wilden proeven
en voelen bovenal
we keken naar boven
zagen witte pijltjes
vliegensvlug en niet te tellen
een zachte winterse aanval
frisse vlokjes tussen onze wimpers
in mijn neusgaten
eentje smolt (‘echt lekker!’)
op zijn uitgestoken tong
hij zei: ‘mama Tobe raceje doen?’
telde alvast af ‘1, 3, 5 start!’
hij zat op de fietsstoel vooraan
echt eerlijk was het niet
dus hij won
